Publicaties

16-01-2008: Reactie rapport onderzoek naar sociale werkvoorziening


Reactie BURGERFORUM op IROKO rapport / Toekomstige uitvoering sociale werkvoorziening

Vragen en opmerkingen van Burgerforum in blauw

Geciteerde stukken in cursief

 

Onderzochte modellen

A      huidige situatie met noodzakelijke aanpassingen

B      idem, met wijziging van bestuursstructuur door het opheffen van Top-Craft BV  en het opgaan van de BV in de GR WOT (ingebracht door MT en OR van Top Craft)

C      regievoering door gemeente, gedeeltelijke uitvoering door GR

D      opheffing GR, omvorming Top-Craft BV tot zelfstandige BV

De keuze daarbij is dan:  de 3 gemeenten als aandeelhouder of marktpartijen/derden als aandeelhouders

Opmerking BF: Als de gemeenten de tekorten niet aanvullen is de BV geen lang leven beschoren.

 

Het gekozen compromismodel is een combinatie van A en D.

Zie memo gemeente. Dus regie bij de gemeente, doorgaan met Top Craft BV voor de huidige groep. En Top Craft krijgt nog 2 jaar de tijd zich te bewijzen als mens ontwikkelbedrijf.

Vraag: Maar wát als na die tijd van 2 jaar blijkt dat ze niet heeft voldaan. Je zit dan nog steeds met een Gemeenschappelijke Regeling en Top Craft, dus in feite ben je dan geen stap verder gekomen.

 

Reacties n.a.v. het rapport

Opdracht onder meer: Het inzichtelijk maken van het toekomstperspectief van Top Craft BV bij de verschillende modellen. Onder welke randvoorwaarden heeft Top Craft BV voldoende toekomstperspectief in de verschillende modellen?

Opmerking: Er zijn 4 modellen onderzocht, maar bij alle modellen is uitgegaan van een rol voor Top Craft BV. Voorafgaand aan het adviestraject was al duidelijk dat de drie gemeenten in één of andere vorm door willen gaan met Top Craft. Dat is al uitgesproken in juni 2006 toen de overdracht van de gebouwen aan de orde was. De OR wilde daarmee alleen instemmen als het algemeen bestuur duidelijk uitsprak dat er geen risico bestond met betrekking tot het voortbestaan van Top Craft BV, en aldus geschiedde.

Dat vonden en vinden wij een verkeerd uitgangspunt.

Daarmee ga je helemaal voorbij aan het belang van de SW werknemer. De opdracht had moeten zijn…welk uitvoeringsmodel is de beste oplossing voor de werknemers in de sociale werkvoorziening en de betrokken gemeente.

Vraag: Waarom ligt er geen financieel plaatje voor opheffing GR en liquidatie Top Craft BV?  Pas dán kun je immers een goede afweging maken. Wethouder Olde Heuvel heeft dit indertijd toegezegd. Waarom is hij dat niet nagekomen

 

De opdracht is om medewerkers met een WSW indicatie passende arbeid aan te bieden en hen te ondersteunen en faciliteren in hun persoonlijke ontwikkeling.

Opmerking: En daarin schiet Top Craft BV nu al schromelijk tekort. Er is nauwelijks meer keuze van werk en voldoende aanbod van werk  (nu gaat ook post, textiel en timmerwerkplaats al weer weg).

Vraag: Als je met prestatiecontracten gaat werken en die prestaties worden niet gehaald, wat kun je als gemeente dan doen? En graag een voorbeeld van een prestatiecontract?

 

In de werkgroep zaten ook de directeur van Top Craft BV en het hoofd HRM.  

Vraag: Zij praten dan nadrukkelijk over het voortbestaan van hun eigen werkplek! Zaten en zitten ze daardoor niet in een spagaat? Zij zullen de eigen werkplek niet onderuit schoffelen.

 

Opmerking: Het tussenliggend samenwerkingsmodel wat er nu ligt is niet de slechtste keus, maar wel een slechte. In feite ís het geen duidelijke keuze voor het een of ander. Je schuift de zaak a.h.w. een aantal jaren op en zult dan toch nog voor de keuze komen te staan, stoppen of doorgaan met Top Craft. Oplossing D komt over het algemeen als het beste uit de bus, al heeft elk model voor en nadelen. Toch is gekozen voor een tussenliggende model, omdat de 3 gemeentes verschillend denken over de uitvoering. Daar komt nu nog het meningsverschil over de nieuwe verdeling van de tekorten bij. Als er zo verschillend gedacht wordt, is het dan niet onlogisch om toch weer te kiezen voor in feite dezelfde constructie, al is het met wat aanpassingen.

Verder hebben we weinig vertrouwen in het bestuur. Eind 2003 is er, na het vertrek van dhr. Goovaerts, onder de toenmalige directeur een meerjarenperspectief opgesteld waaruit bleek dat de verwachting tot en met 2007 ongunstig was en dat dit ook niet veel beter zou worden. De verliezen zouden rond de 1,5 en 2 miljoen blijven hangen. Het toenmalige bestuur, en dan noemen wij de heren Backhuys en Willeme, wilden echter dat het resultaat voor 2007 op 0 uit zou komen. De toenmalige directeur wilde daar niet aan meewerken. Het later gepresenteerde plan Snoek was inhoudelijk vrijwel gelijk aan het eerder gepresenteerde meerjarenperspectief, alleen hingen er andere getallen aan en kwam dát wel uit op 0 in 2007. Een politieke begroting noemen wij dat. Want anders zou het bestuur waarschijnlijk niet de steun van de raden meer hebben gekregen om door te gaan met Top Craft. Het was dus bekend bij het toenmalige bestuur dat dit meerjarenperspectief niet reëel was!

 

Gemeenten krijgen de mogelijkheid om voor een toenemend deel van de SW populatie de regie op klantniveau zelf te verzorgen.

Opmerking: Later bij uitvoering wordt dit gesteld  op 20% van de nieuwe instroom. Daarnaast zou dit wellicht ook mogelijk moeten zijn bij individuele gevallen van werknemers die nu al bij de BV werken.

Vraag: Maar wie bepaalt dit? En wát als er veel meer mensen graag willen uitstromen of bij Top Craft BV weg willen?

 

Opmerking: In het strategisch plan van Top Craft is het bedrijfsresultaat sterk afhankelijk van de reïntegratietrajecten die veel te positief zijn aangehouden. Wel worden daar nu al kosten voor gemaakt. De vraag is of de kosten het resultaat niet zullen overstijgen.

 

Bij verantwoordingsinformatie staat dat bij de gemeenten, behalve dat de begroting en de jaarrekening van de GR WOT en Top Craft in de gemeenteraad worden behandeld, geen vaste procedures  en frequenties voor de verantwoording van individuele bestuursleden van de GR WOT over de uitvoering van de WSW bestaan.

Opmerking: En dit is maar al te juist, maar zelfs de begroting en jaarrekening worden niet in de raad behandeld, maar alleen ter inzage gelegd met het voorstel dit voor kennisgeving aan te nemen. Dus hoe wil je dan goed grip houden?

Wat de financiële aspecten betreft kan gezegd worden dat de langlopende schulden vooral sterk zijn teruggebracht door de verkoop van onroerende goederen. Dat geeft een vertekening van het bedrijfsresultaat.

De conclusie dat in de periode 2004-2006 geen sprake is geweest van een doorgaande positieve trend in de ontwikkeling van het exploitatieresultaat is maar al te waar.

 

Opmerking: De gemiddelde SW kosten zijn relatief hoog, maar dit zit ook in de werkleiderfuncties/begeleidende functies die te hoog zijn opgeschaald en in de “oude vakkrachten” die de komende jaren geleidelijk zullen verdwijnen. Daarentegen staat dat deze vakkrachten ook een hogere verdiencapaciteit hebben en in feite zichzelf terug kunnen verdienen. Maar laten we daarbij ook niet vergeten dat de gemiddelde arbeidskosten voor ambtelijk en Priwotco personeel relatief ook heel erg hoog zijn. Dit heeft ook te maken met garantiebepalingen uit het verleden. Maar als er nu weer ambtenaren bijkomen, zit je bij vertrek met het zelfde probleem of je moet alles voor tijdelijk aannemen.

 

Het IOP (individueel ontwikkelingsplan) is een papieren plan. Terecht wordt opgemerkt dat er met factoren als leeftijd, wensen en interesses van de SW-er zelf geen rekening wordt gehouden. Daarbij krimpt het werkaanbod (de soorten werk en de hoeveelheid werk) nog steeds en blijft er steeds minder te kiezen over, terwijl de uitplaatsing moeizaam op gang komt. Het bedrijf heeft nauwelijks keuze en voldoende werk voor haar eigen werknemers, dus laat staan voor WWB-ers. Onze grote zorg is dat deze bijkomende projecten ten kosten gaan van de SW-ers.

Maar denk ook aan de risico’s bij het uitvoeren van andere activiteiten dan de WSW door Top Craft. Uit de Cedris bedrijfsvergelijking blijkt nl. dat met Top Craft vergelijkbare bedrijven een groot verlies lijden op activiteiten voor andere doelgroepen (reïntegratie, work First, taakstraffen e.d.)

 

Bij voor- en nadelen per model staat bij opheffen model D als nadeel de mogelijke sociale onrust wanneer voor hen hun dienstbetrekking bij de GR WOT wordt omgezet naar een dienstbetrekking bij de gemeente.

Opmerking: Wij zijn van mening dat velen, vooral uit Losser, dit juist een voordeel zullen vinden. Denk aan het vroegere WBO (Werkverband Buiten Objecten) toen alle mensen uit de sociale werkvoorziening hier in Losser ondergebracht waren en alleen de SW-ers die een zeer beschermde werkplek nodig hadden naar de Schakel gingen (en dat is een vrij kleine groep).

 

Bij nadeel staat dat de gemeenten als zij aandeelhouder zijn in de BV, zij nog altijd de exploitatietekorten van de BV moeten aanvullen.

Opmerking: Dat was ook de reden waarom wij zelf graag uitgezocht zouden hebben hoe het dan zit bij een liquidatie van Top Craft of verzelfstandiging met marktpartijen en niet de gemeenten als aandeelhouders. Je hebt dan misschien minder grip, maar kunt wel goede contracten afsluiten waarmee je zaken indekt. Als het uitvoeringsbedrijf niet voldoet, kun je naar andere uitvoeringsbedrijven zoeken.

 

Bij verduidelijking structuur wordt melding gemaakt dat het van belang is dat duidelijker wordt welk bestuursorgaan Top Craft feitelijk aanstuurt. Er is onvoldoende duidelijk aangegeven hoe de taken en bevoegdheden van de drie bestuursorganen in de praktijk moeten worden ingevuld en gecombineerd.

Opmerking: Dat hebben we al zo vaak aangegeven. Maar is dat dan niet juist een reden extra om met deze hele constructie te stoppen en alles gewoon onder de gemeente onder te brengen. Eventueel een beperkte rol voor Top Craft BV voor het bieden van een beschutte werkplek. Dit zal dan uiterst efficiënt en kostendekkend moeten worden ingericht.

Een zeer afgeslankte vorm voor de BV dus, waar de gemeenten hun beschermde werkplek kunnen inkopen.

Detachering, Bouw en Groen niet als beschermde werkplek zien, maar onder te brengen bij de gemeente.

 

 

Inhoudelijke aspecten.

  • een deel van de WWB doelgroep lijkt wat betreft de beperkingen sterk op de SW doelgroep. Het SW bedrijf biedt werk onder aangepaste omstandigheden / voor iedereen is er een passende plek / het heeft dus ervaring met betreffende type cliënten.

Bij het onderstreepte zetten we grote vraagtekens. Het geel gemarkeerde, met name “voor iedereen is een passende plek” klopt gewoon niet. Er is momenteel veel te weinig variatie in werk en veel te weinig aanbod van werk bij Top Craft. Mensen worden soms naar huis gestuurd of zitten niets te doen.

 

Daarbij ook nog mensen uit het WWB traject zetten zal conflicten opleveren. De voorwerkers die deze mensen er bij krijgen en moeten begeleiden, zullen tegen grote problemen aanlopen. Een cursus van enkele dagdelen zal niet voldoende zijn om dit op te vangen Niet alleen omdat deze trajecten bijgeplaatst worden bij bestaande groepen, maar omdat ze veelal ook niet passen binnen de bestaande groepen.

Wij voorzien dat deze nieuwe instroom niet past binnen de Sociale Werkvoorziening en aparte trajecten nodig heeft. Dat betekent extra kosten in plaats van extra opbrengsten en daarmee extra tekorten van Top Craft / WOT.

 


Share our website