Nieuws

VNG voorstel over bestuursakkoord


Steun bestuursakkoord maar niet onderdeel Werken naar vermogen

'De leden kunnen het onderhandelaarsakkoord voor hun rekening nemen, maar niet hetonderdeel Werken naar vermogen.'Het bestuur van de VNG stelt voor om deze uitspraak over hetconcept-bestuursakkoord bij besluit vanAlgemene Ledenvergadering vast te stellen. Het onderwerp 'werk' komt daarmee voor de verantwoordelijkheid van het Rijk.

Er is steun voor het bestuursakkoord, maar het onderdeel overwerken naar vermogenroept nog te veel vragen op bij gemeenten over de (financiële) uitvoerbaarheid. Het is de opgave voor het VNG-bestuur en de Algemene Ledenvergadering (ALV) omhet goede van het bestuursakkoord te behouden en tegelijkertijd recht te doen aan de bezwaren van de leden.

Belang gemeenten
De VNG concludeert dat gemeenten niet zonder meer het bestuursakkoord zullen steunen.Maar het afwijzen van het akkoord zet - gezien de opstelling van het kabinet - de verworven resultaten op losse schroeven. Dit is niet in het belang van de gemeenten.

Niet heronderhandelen
Met het oog op dit dilemmastelt het bestuur van de VNG aan de ALV voorom vast te stellen datde leden het onderhandelaarsakkoord voor hun rekening kunnen nemen, maar dat dit niet het geval is voor het onderdeel 6.1 (Werken naar vermogen) .Het onderwerp 'werk' komt voor de verantwoordelijkheid van het Rijk. Tussen de VNG en het kabinet wordt dus niet meer (her)onderhandeld over de Wet werken naar vermogen in het kader van het bestuursakkoord.

 

VOORSTEL VNG:

Geacht college, geachte leden van de raad,

Op 21 april jongstleden hebben wij u het onderhandelaarsakkoord voorgelegd dat het Rijk, de

Vereniging van Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal Overleg en de Unie van Waterschappen

hebben gesloten. Daarbij kondigden wij aan dat formele besluitvorming volgt tijdens de Algemene

Ledenvergadering op 8 juni 2011.

In onze berichten over dit akkoord van 12 mei en 27 mei jongstleden hebben wij aangekondigd een

nader voorstel aan de leden te doen over dit agendapunt op de Algemene Ledenvergadering.

In deze ledenbrief doen wij dit aangekondigde nadere voorstel. Allereerst schetsen wij wat is gebeurd

nadat het akkoord aan de leden is voorgelegd, zowel onder de leden als op landelijk politiek niveau.

Daarna geven wij het dilemma weer waar de Nederlandse gemeenten nu voor staan, en wat de uitweg

daaruit zou kunnen zijn.

Tekening om voor te leggen aan de leden

Het Bestuur van de VNG heeft op 14 april jongstleden besloten de voorzitter te machtigen het

bestuursakkoord te tekenen om het vervolgens aan de leden voor te leggen. Daarbij heeft het bestuur

nadrukkelijk aangetekend, dat er in de onderhandelingen met het kabinet niet meer inzat, en de zorg

uitgesproken over de vraag of de daarin gemaakte afspraken over het onderdeel ‘werk' toereikend zijn.

Deze zorg is per brief ook overgebracht aan de premier.

Velen van u hebben de informatiebijeenkomsten van de VNG over het bestuursakkoord bezocht.

Bovendien is overleg gevoerd met een aantal geledingen in gemeenteland. Voorts heeft een aantal

gemeenten schriftelijk gereageerd op het akkoord, zoals in de ledenbrief over het akkoord was

gevraagd. Daarbij is ook een tweetal moties ingezonden ten behoeve van de ALV.

Waardering, maar grote zorgen over 'werk'

Het beeld dat uit al deze reacties naar voren komt is, dat er waardering is voor het

onderhandelaarsakkoord, maar met de specifieke uitzondering van het onderdeel werk. Waar

kanttekeningen werden gemaakt, gold het dit onderdeel.

De afspraken die hierover in het akkoord konden worden gemaakt zijn in sterke mate ingekaderd door

het Regeerakkoord waarin grote bezuinigingen op re-integratie en Wsw worden voorzien die

uiteindelijk vergaande gevolgen hebben voor de lokale uitvoering. Met name het garanderen van de

arbeidsvoorwaarden voor de zittende sw-populatie in combinatie met de vermindering van de

normvergoeding van € 26.000 naar € 22.000 plaatst de gemeenten voor grote problemen.

Juist op dit punt verliepen de onderhandelingen het stroefst en werden zelfs twee maal heropend.

U hebt ons laten weten dat de afspraak over de vorming van een herstructureringsfonds van € 400

mln. en de bepaling dat een onafhankelijke commissie zal beoordelen of dit toereikend is, een

belangrijke maar onvoldoende en ongewisse tegemoetkoming is.

Besprekingen met kabinet en in Tweede Kamer zonder beter resultaat

Het bestuur van de VNG heeft mede op grond van de reacties van de leden besloten om de uitkomst

van deze ledenraadpleging nog vóór de ALV met het kabinet te bespreken. Dit gesprek heeft

plaatsgevonden op 26 mei.

De dag daarvóór, op woensdag 25 mei, vond in de Tweede Kamer een Algemeen Overleg plaats over

de hoofdlijnennotitie betreffende de wet Wet werken naar vermogen (Wwnv) en de delen van het

bestuursakkoord die daarop betrekking hebben. Dit overleg zou dinsdag 31 mei worden voortgezet.

Voorafgaand aan dit Kamerdebat hebben wij onze opvatting over de problematiek rond deze regeling

nog eens per brief toegelicht aan de Tweede Kamer.

In het gesprek van 26 mei heeft het kabinet geen nieuwe tegemoetkomingen gedaan, maar wel

benadrukt een gezonde herstructurering van de sw-bedrijven als een gezamenlijke

verantwoordelijkheid van Rijk en gemeenten te zien. Verder onderstreepte het kabinet dat het

onderdeel ‘werk' een integraal onderdeel van het bestuursakkoord is. De onlangs bekendgemaakte

extra groei van het Gemeentefonds wordt door het kabinet in samenhang gezien met het tot stand

komen van het bestuursakkoord. Dat geldt ook voor andere voor de gemeenten positieve zaken zoals

het afzien van de taakstelling van jaarlijks € 100 mln voor de RUD's en de € 400 mln. voor

herstructurering van de WSW.

Bij brief van 27 mei hebben wij u over de uitkomst van dat overleg geïnformeerd en aangekondigd voor de ALV met een nader advies te zullen komen. Het kabinet heeft op diezelfde dag een brief aan de Tweede Kamer gezonden waarin het nader ingaat op een aantal vragen met betrekking tot de wet

Wwnv. Op dinsdag 31 mei vond het vervolg van het Algemeen Overleg over dit onderwerp plaats in de

Tweede Kamer. Dit alles heeft echter geen nieuwe garanties opgeleverd.

Dilemma: het akkoord bevat veel goeds, maar op ‘werk' is het nog onvoldoende

Het bestuur constateert dat er weliswaar begrip is bij het Rijk voor onze zorgen over de Wsw en de

Wwnv, maar dat dit op dit moment niet kan worden omgezet in substantiële nadere tegemoetkomingen om deze zorgen uit de weg te kunnen ruimen. Ook een aantal door de gemeenten aangedragen oplossingsrichtingen, zoals het nu al vormen van een aanvullende reservering op de Rijksbegroting voor eventuele extra kosten voor herstructurering en het op voorhand bindend verklaren van het advies van de onafhankelijke commissie, bleken onhaalbaar. De afspraken die er nu liggen, vormen dus helaas het meest haalbare.

De afgelopen weken hebben echter ook duidelijk gemaakt, dat het grootste deel van het voorliggende

onderhandelaarsakkoord kan rekenen op steun van de gemeenten. Breed wordt onderkend dat het

akkoord veel positieve aspecten voor de gemeenten bevat.

Het akkoord, gesloten tussen de besturen van de koepels van gemeenten, provincies en

waterschappen, bevat aan het slot de bepaling dat deze koepels de steun van hun achterban zullen

trachten te verwerven voor de uitvoering van de daarin gemaakte afspraken.

De reacties vanuit de gemeenten, zowel op de bijeenkomsten als via brieven aan het bestuur

varieerden tussen nee, tenzij en ja, mits. In overgrote meerderheid werd daarna gewezen op hetzelfde

onderdeel, namelijk ‘werk'.

Het bestuur stelt allesoverziende vast, dat steun aanwezig is voor het bestuursakkoord, maar dat het

onderdeel decentralisatie ‘werk' vooralsnog toch nog te veel vragen bij de gemeenten blijft oproepen

betreffende de (financiële) uitvoerbaarheid.

Voorstel: vast te stellen dat de leden het onderhandelaarsakkoord voor hun rekening kunnen

nemen, maar dat dit niet het geval is voor het onderdeel ‘werk'

Het is de opgave voor het Bestuur en de Algemene Ledenvergadering om nu het goede van het

bestuursakkoord te behouden en tegelijkertijd mogelijkheden te blijven zoeken om de voorstellen op

het gebied van ‘werk' te verbeteren. Een stemming over het bestuursakkoord op de ALV zal niet tot dat resultaat kunnen leiden. Immers, goedkeuring zondermeer doet onvoldoende recht aan de nog

heersende onzekerheid over de uitwerking van de voorstellen op het gebied van werk, terwijl afwijzing

van het akkoord gezien de opstelling van het kabinet de verworven resultaten op losse schroeven zet

en daarmee niet in het belang van de gemeenten is.

Daarom stelt het Bestuur met het oog op dit dilemma aan de ALV voor: vast te stellen, dat de leden het onderhandelaarsakkoord voor hun rekening kunnen nemen, maar dat dit niet het geval is voor het

onderdeel 6.1 (‘Werken naar vermogen') .

De Wet werken naar vermogen zal daarmee vorm krijgen in het proces van wetgeving tussen kabinet

en Staten-Generaal. Het onderwerp ‘werk' komt voor de verantwoordelijkheid van het Rijk. Tussen de

VNG en het kabinet wordt dus niet meer (her)onderhandeld over de wet Werken naar Vermogen in het

kader van het bestuursakkoord.

Het bestuur vertrouwt erop dat deze uitspraak recht doet aan de opvatting van de gemeenten. Tevens

wordt naar de mening van het bestuur hiermee recht gedaan aan de strekking van de moties van de

gemeente Waddinxveen en van de G32, die zijn ingediend met het oog op de ALV van de VNG .

Het bestuur van de VNG stelt bij deze voor om deze uitspraak over het voorliggende conceptbestuursakkoord bij besluit van de Algemene Ledenvergadering vast te stellen.

Hoogachtend,

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

Mevrouw A. Jorritsma-Lebbink

Voorzitter


Share our website