Nieuws

Jeugdzorg en Huishoudelijke hulp


Agenda punt 4. Verordening Jeugdhulp 2017 (Henk Filipsen)
B.F. Is tevreden over het feit dat de participatieraad op deze wijze is betrokken bij de totstandkoming van dit raadsbesluit. De adviezen van deze raad vinden wij heel belangrijk.
-Bij het voorliggende Advies van de participatieraad missen we de beantwoordingsbrief van het college. kan ons deze alsnog verstrekt worden?
Antwoord: Dit wordt toegezegd.
-Het is ons niet duidelijk waarom een aantal adviezen van de Participatieraad niet zijn overgenomen. Bijvoorbeeld de opmerkingen over artikel 8. Waarbij zij het wenselijk achten de termijn van acht weken los te laten en het wenselijke achten een termijn van twee weken te hanteren. Ook gezien de aard van de meldingen. Kan de wethouder ons dit uitleggen?
Antwoord: De 8 weken is de wettelijk maximale termijn en moet in de verordening opgenomen worden, dat zegt niets over wanneer actie ondernomen wordt. Als er sprake is van urgentie dan gebeurt wat nodig is.
- Hoe is de controle op eventueel onterecht ontvangen vergoedingen van een individuele voorziening of een PGB?
Antwoord: Hier komt een voorstel van de 14 samenwerkende gemeenten, die zijn hier mee bezig. Zodra dit bekend is horen we dat.
-Zijn er nu regio breed goede afspraken gemaakt betreffende de prijs en de levering van jeugdhulp of uitvoeringsrecht van een maatregel?
- Heeft het college mogelijkheden om de kwaliteit die gesteld wordt aan hulp te controleren?
Antwoord: Dit is de verordening en de zaken worden verder uitgewerkt in het beleidsdocument.
- Zijn er in 2016 veel bezwaren binnengekomen  tegen de beschikking die is gemaakt?
Antwoord: 1
- BF is benieuwd hoeveel jongeren nu nog direct via huisartsen en andere medische specialisten worden doorverwezen. Percentage? Hoe is momenteel het contact tussen die huisartsen/specialisten met de gemeentelijke organisatie?`
Antwoord: ca. 50 tot 60% komt via de huisarts. Dit wordt nog verder ontwikkeld en verbeterd. Er loopt nu ook een pilot.
- Er wordt in de AwB bepaald dat de beschikking binnen 8 weken wordt gegeven na ontvangst van de aanvraag. Binnen hoeveel tijd worden nu gemiddeld beschikkingen afgegeven door onze gemeentelijke organisatie?
Antwoord: Dit komt bij de monitor.
- In het besluit word in artikel 9 verwezen naar artikel 8 het derde lid, het derde lid bestaat staat niet. Kan de wethouder dit verduidelijken?
Antwoord: Moet zijn artikel 8 tweede lid.
-In het B&W advies wordt aangegeven dat niet alle artikelen in detail omschreven zijn.        Hier hebben we wel begrip voor, dit kan ook als uitvoering worden beschouwd, maar dat de kaders niet op deze wijze zijn omschreven hebben we wat meer moeite mee. De raad is immers taak c.q. kader stellend en controlerend orgaan. Hoe ziet de wethouder dit?
Antwoord: Zie eerder, komt in beleidsregels aan de orde.

https://www.perfectmanage.eu/userfiles/36/files/Beleidskader%2DHuishoudelijke%2DOndersteuning%2Djanuari%2D2017.pdf
https://www.perfectmanage.eu/userfiles/36/files/Raadsvoorstel%2DBeleidskader%2Dhuishoudelijke%2Dondersteuning%2D1.pdf
Agenda punt 5. Beleidskader Huishoudelijke (Lies ter Haar)
Gedwongen door een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep moet een en ander ten aanzien van de huishoudelijke ondersteuning aangepast worden. Als wij deze stukken allemaal bekijken –met al die extra modules en minutentoerekeningen etc- wordt het alleen maar nóg ingewikkelder en eigenlijk onwerkbaar.

-Uitgangspunt bij het sturen op resultaat is onder meer een onafhankelijk onderzoek uit Utrecht, waarin vastgesteld wordt dat er maximaal 105 uren per jaar nodig zijn om het resultaat leefbaar huishoudeden te behalen. Dat is dan –nemen wij aan- een gemiddelde van 2 uur per cliënt. Maar het cliëntenbestand kan per gemeente, afhankelijk van de samenstelling, toch ook heel wisselend zijn? Wij hebben relatief veel ouderen, dus zou het aantal uren per jaar hoger kunnen liggen.

Aan de ene kant willen we sturen op resultaat, maar aan de andere kant gaan we toch weer uit van een maximaal aantal uren. Daar zit toch een tegenstrijdigheid in?
Antwoord algemeen: Er is gekozen voor individueel maatwerk. De invoering gaat stapsgewijs vanaf 1 april dit jaar. Met krijgen niet allemaal een herindicatie. Degenen die aan de beurt waren natuurlijk wel en ook de nieuwe cliënten en daarnaast degenen die extra hulp nodig hebben.

-Bij het inzetten van extra modules wordt gesproken over medische beperkingen. Maar geestelijke beperkingen kunnen toch ook de reden zijn dat extra ondersteuning nodig is?
Antwoord: Dat is correct, zo wordt het ook uitgevoerd.

-De aanwezigheid van een huisdier is geen aanleiding voor extra huishoudelijke ondersteuning. Dat vinden wij wel wat kort door de bocht. Eenzaamheid is nog steeds een groot probleem en een huisdier kan hier een oplossing zijn. Als iemand hier erg mee gebaat is zou extra hulp hier wat ons betreft ook aan de orde moeten zijn.
Antwoord: Zit wat in, maar is als zodanig niet meegenomen. Dit zou dan apart bekeken moeten worden.

-Bij de basismodule wordt per woonruimte aangegeven welke activiteiten en met welke frequentie per ruimte werkzaamheden moeten worden verricht. (zie lijstje pagina 12).  Voorbeeld van frequentie en tijdsbesteding in minuten: kamer stofzuigen  1 x per week 8.80. Bed verschonen 1 x per 2 weken 8.30. Badkamer schoonmaken  1 x per week 11.70. Stof afnemen hoog 2.20 en dan heb je ook nog stof afnemen midden en laag. En ga zo maar door. Moet de hulp dan met een lijstje en stopwatch in de hand aan het werk en telkens afvinken wat ze heeft gedaan? Wij weten dat dit een gevolg is van de uitspraak van de Centrale raad van Beroep en dit zo moet, maar wij vinden dit echt onwerkbaar.
Antwoord: Het college is het hier mee eens. Dit geldt ook voor andere gemeenten, dus goed een signaal richting Den Haag te zetten. Het budget wordt fors gekort, maar we zijn met deze nieuwe werkwijze wel 3 á 4 ton extra per jaar kwijt. Daarbij komt ook nog dat door de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep gemeenten gedwongen zijn daar allerlei administratieve uitwerkingen bij vast te leggen (frequentie, modules, indicatie etc.).
BF geeft aan dat een motie dan een goed instrument zou zijn dit te steunen.
-Wat de module wassen betreft, lijkt ons het meest praktisch en efficiënt dit door de huishoudelijke hulp te laten doen met wat extra tijd extra. Zij kan het beste zien en inschatten wanneer en wat gewassen moet worden en kan de wasmachine aanzetten en in de tussentijd wat anders doen.
-De participatieraad adviseert om bij het keukentafelgesprek gebruik te laten maken van volledig onafhankelijke cliëntondersteuning. Dat vindt BF ook heel belangrijk. Hoe verloopt deze cliënten ondersteuning nu? Wie doen dit?
Antwoord: Hier wordt aan gewerkt.

-In punt 3 van het B&W besluit staat dat de eigen kracht van cliënten en hun sociale netwerk door middel van individueel onderzoek moet worden vastgesteld (juridisch advies en gevolg uitspraak Centrale Raad van Beroep) en dit in mindering wordt gebracht op de module (lees toegekende uren). Niet alleen een enorme rompslomp, maar ook knap lastig lijkt ons.  Waar kunnen cliënten terecht als zij het niet eens zijn met de uitslag van het onderzoek?    
Antwoord: Hoe dit geregeld moet worden op de meest praktische manier wordt nog bekeken. Er is altijd de mogelijkheid tot bezwaar..
-In punt 7 van het B&W besluit word gesproken van het instellen van een klankbordgroep HO (Huishoudelijke Ondersteuning) kan de wethouder aangeven wie daar allemaal bij betrokken worden?
Antwoord: Er komt een team van 4 ambtenaren en 1 manager, dat is nog in de maak. Zij moeten het proces in de gaten houden.
- Bij punt 8 staat dat niet ingestemd wordt met een afwijkende indexatie Huishoudelijke Ondersteuning voor 2017 naar 1,54% in plaats van 0,33%. Waarom niet?
Antwoord: Dat mag wettelijk niet. De consumentenprijsindex moet worden aangehouden. Wel is met de zorgaanbieders een goed contact en er wordt naar een andere vorm van vergoeding gekeken (soort onkostenvergoeding).

Agenda punt 7. Actieve informatie college (Jos Tijdhof)
-Jaarverslag Leerplichtwet: Wat zijn de sancties n.a.v. het verzuim? Worden hier boetes opgelegd? Indien er gehandhaafd wordt, hoe wordt dit zichtbaar en merkbaar voor anderen? Hoe wordt verzuim ontmoedigd?
Antwoord: Er worden boetes uitgedeeld en dat is tevens bedoeld als ontmoediging.
-Toekomst Werken in Losser: Dit komt nu onder de afdeling Werk, Inkomen en Zorg van de gemeente. Dat vinden we een goede ontwikkeling. Wanneer zal dit zijn beslag krijgen? Aangegeven wordt dat het een financieel voordeel oplevert. Is globaal aan te geven wat het voordeel is? Zijn er nog eventueel negatieve aspecten aan de orde door deze wijziging? En heeft het nog personele gevolgen?
Antwoord: Het voordeel zit er in dat er accountantskosten minder zijn (geen aparte accountantscontrole) en urenwinst omdat het nu onder de gemeente valt en niet een aparte stichting is. Voor het personeel verandert er helemaal niets en de organisatie staat al met het Servicebedrijf dat er nu is.
 
 
Share our website